(ON)GEZIEN (beeld)verslag


Vrijdag 19 april, kon ik op uitnodiging van Theater van Deyssel, 5 onderdelen presenteren:
1) Serie foto’s (9) van een netwerk achter de winkels. Gedeelde ruimte als plek voor alledaags contact

Serie van 9 foto’s op dubbelzijdig geprinte panelen

2) Mijn persoonlijke affiniteit met de buurt en ontwerpen
3) Een selectie van 10 jaar Amsterdam Nieuw-West documenteren in foto’s
4) Het onderzoek van de afgelopen maanden in de Lodewijk van Deysselbuurt
5) De ideeën en plannen voor de toekomst in de deze buurt

 

Foto uit de serie (on)gezien / gedeelde ruimte als plek voor alledaags contact

Dit minitheater in Nieuw-West (van Frascati in het centrum) bood vrijdagmiddag de ruimte aan een klein divers gezelschap van bewoners, mensen die met hun werk in de buurt actief zijn en andere geïnteresseerden, zo’n 20 personen. Artistiek coördinator van dit theater Khadija en haar stagiaire Sophie, van de middelbare school, zorgden voor sfeer door muziek en gastvrije ontvangst met drinken en een hapje. Naast bewoners uit de Lodewijk van Deysselbuurt, waren er mensen aanwezig van Rochdale (woningcorporatie) en de Gemeente Amsterdam, Cascoland (kunstenaarscollectief), Heren5 (architectenbureau) en Rijnboutt (stedenbouwkundig bureau dat eerder het stedenbouwkundig plan tekende), maar ook oude bekenden en collega’s.

 

Nadat de grootste groep al een tijdje binnen was, interviewde Khadija mij naar aanleiding van het maken van deze serie foto’s. Aan de hand van de negen foto’s (1) vertelde ik het verhaal en het belang van alledaags contact, zowel in de winkels als op de stoep aan de Lodewijk van Deysselstraat. Hierbij ‘schakelde’ ik via personen door deze straat. Verder lichtte ik toe hoe Cascoland de waarde van ondernemen wil ontwikkelen door juist te kijken naar de waarde die al in de buurt aanwezig is. Dit geldt eveneens voor de informele zorg die bewoners elkaar (kunnen) bieden. Zowel Fiona (Cascoland) als bewoner/ondernemer Fatima lichtten dit zelf ook toe in het gesprek dat daarop volgde. Ook Rosanne, van corporatie Rochdale die deze winkelruimten hiervoor vrij maakt en 1168 woningen in deze buurt in  beheer heeft (en er nog 700 toevoegd), vertelde hoe ze als corporatie in deze wijk te werk gaan. Ook hield ik een pleidooi voor het ontwerpen op de locatie zelf. Cascoland doet dat al, maar is het ook een optie voor de architecten? (zie voor plattegrond van de buurt het vorige blog-bericht)

 

foto: Merijn de Jong

Het was tof dat er naast de serie van 9 foto’s, ook ruimte was om meer context te bieden in de vorm van foto’s, illustraties en teksten op de gele wand. Hierdoor kon ik toelichten waarom juist deze bewoners en deze buurt de aanleiding voor deze presentatie waren (2). Wat mijn ervaring is met stedelijke vernieuwing (3). Welke zaken ik tegen kwam in mijn onderzoek (4) door me te verdiepen in de buurt en haar bewoners.  Ook zaken die op het eerste gezicht niet zo zichtbaar zijn, zoals de plannen, cijfers, maar ook bepaalde bewoners op de achtergrond.

 


Veel van deze zaken zijn opgetekend in een investeringsnota van de Gemeente Amsterdam. Uit dit 113 pagina tellende document wil ik één quote eruit lichten die goed weergeeft welk dilemma vrijwel iedereen tegen komt bij een stedelijke vernieuwingsopgave van deze omvang:

Zolang bewoners geen concreet plan voor de toekomst van hun eigen individuele woning kennen was het voor veel bewoners (te) veel gevraagd om mee te doen in een proces dat moet leiden tot een compleet vernieuwingsplan voor bijna de gehele buurt. Maar omgekeerd bepaalt dat complete plan voor de gehele buurt de toekomst van die eigen individuele woningen. (bron: investeringsnota Lodewijk van Deysselbuurt / vastgesteld 23.12.2021)

Toch denk ik dat er ook kansen liggen. In het (laatste) deel kon ik dat ook tonen op de gele wand (5). Door dingen te maken, zoals foto’s. Mijn werkwijze leent zich ervoor om relaties tussen bewoners, organisaties en ontwerpen te tonen. In grote lijnen zijn het drie onderdelen:

a) Het inzichtelijk maken van verschillende belanghebbenden en deze netwerken in beeld brengen; dus óók de netwerken van professionals. Hoe zijn zij verbonden en hoe is hun leefwereld verweven met die van bewoners en andere mensen die er hun werk hebben, wellicht indirect !/?
b) Veel van mijn werk ging tot op heden over zowel de hardware (gebouwen) als de software (buurtbanden). Wellicht is dit laatste een wat te plastische omschrijving van de leefwereld van bewoners. Maar ik gebruik de termen omdat ik daarmee goed kan aangeven welk onderdeel ik nu juist meer aandacht zou willen geven: ‘de orgware’. Hier versta ik onder, de dagelijkse wereld van organisaties die werkzaam zijn in een buurt. In dit onderdeel, waarbij continu afspraken worden gemaakt, zit ook een ruimtelijk aspect. Dat wil ik verder onderzoeken.
c) De eerder beproefde en ontwikkelde werkwijze die ik met architectenbureau Open Kaart ontwikkelde voor bestaande gebouwen, ook op grotere schaal te proberen. Ik heb het hier over de zogenaamde pre-enactments. In plaats van een historische gebeurtenis na te spelen, wil ik kijken of we een toekomstige situatie al kunnen spelen, voordat deze is gerealiseerd. Mét de buurtbewoners én de professionals en dus op grotere schaal.
De komende tijd wil ik gebruiken om deze onderdelen scherper te krijgen.

Tot slot, de bijeenkomst bood me ook de kans om als eerste de 93-jarige bewoner Henk Hoogendoorn te bedanken. Hij introduceerde mij bij veel andere bewoners en figureerde in de serie foto’s. In de vorm van prints van de complete serie, kon ik iets teruggeven van de buurt waar hij al sinds 1968 woont. Eveneens bedank ik hierbij Theater van Deyssel die mij ruimte en middelen bood om deze serie te maken en te tonen.

  • Dit was een éénmalige presentatie. Wellicht wordt de serie in de toekomst nog op andere plek(ken) getoond. Wanneer dat het geval is, zal ik dat via mijn website/LinkedIn laten weten. 

 

 

 

(ON) GEZIEN

PRESENTATIE 19 april 2024 / 16:30uur / Theater van Deyssel / Lodewijk van Deysselstraat 91 / Amsterdam / opgeven via: tvd@frascatitheater.nl 

Bijna een jaar geleden werd ik door een architectenbureau benaderd. Ze belden of ik mee wilde doen met een tender voor het ontwerp van meerdere woonblokken in een buurt in Amsterdam.

Het is een buurt in Amsterdam Nieuw-West, het stadsdeel dat ik lange tijd documenteerde. Later bleek dat ik eerder ook had gewerkt voor het bureau die het stedebouwkundig plan had gemaakt. Ook had ik wel eens voor de opdrachtgever van al deze partijen, woningcorporatie Rochdale, gewerkt. De corporatie heeft in deze buurt 1250 van 1410 woningen en wil naast sloop en renovatie, de komende jaren nog 700! woningen toevoegen. Toen kreeg ik het idee dat ik het breder moest aanvliegen dan enkel de vraag van het architectenbureau.

Binnentuin in 2009 / project ‘De kok, de kweker, zijn vrouw en hun buurman’ / Sloveense kunstenares Marjetica Potrč / Stedelijk in de stad 

In het voorjaar van 2023 ging ik aantal keren naar de buurt toe om foto’s te maken. Ik maakte ook opnieuw kennis met Cascoland. Ik kende dit kunstenaarscollectief uit een eerdere buurt waar ze werkten. Inmiddels waren de trekkers van dit collectief in de betreffende buurt gaan werken én wonen! Ze werken er inmiddels al een paar jaar en hun werk is zeer boeiend en inspirerend. In de situatie van de bewoners herken ik me. Eerder woonde ik zelf in een vergelijkbare buurt. In een woning van een corporatie én in een buurt die verdichtte.


Omdat Cascoland zeer intensief bezig is in de wijk, wilde ik ‘het aanvliegen’ in overleg met hen doen. Dit deed ik los van de opdracht van het architectenbureau en de woningcorporatie. Wel bracht ik hen op de hoogte van mijn ideeën. Cascoland heeft in deze buurt, op uitnodiging van woningcorporatie, een reeks winkelpandjes en de publieke ruimte opnieuw geactiveerd, in zeer nauwe samenwerking met buurtbewoners. Sterker nog, buurtbewoners kregen de mogelijkheid hun eigen onderneming te starten in deze winkelpandjes.

Amsterdam, 24 mei 2012, zoon op balkon Amsterdam Slotervaart

Zelf woon ik niet in de buurt. Ik heb Cascoland letterlijk gevraagd of ik met mijn werkwijze iets toe te voegen had? Immers, zelf wonen in het gebied waar je werkt, veel intensiever krijg je het niet. Toch was er direct één ding waarvan ze het idee hadden dat dit iets kon toevoegen en ze hadden ook een concreet kader om met een relatief klein onderdeel aan de slag te gaan. Ook Cascoland is constant bezig met netwerken van mensen in de buurt. Dit zichtbaar maken is en blijft echter lastig. Om dit zichtbaar te maken, zouden de drie winkelpandjes, die binnenkort zouden worden gesloten i.v.m. renovatie, een kader bieden. ‘Zou je die netwerken die daar nu zijn of zijn ontstaan in beeld kunnen brengen’? Het leek mij een te behappen vraag en het bood mij de kans om concreet aan de slag te gaan. Ondertussen hield ik contact met het architectenbureau (de tender was inmiddels gewonnen) en maakte kennis met de andere architectenbureau’s die in het gebied ontwerpen.

Op eigen initiatief startte ik dit onderzoek. Ik sprak de ene na de andere bewoner en winkelier en dronk koffie bij Wil, soep bij René, thee bij Belaid en ondertussen liep ik Khadija bijna letterlijk tegen het lijf in de Lodewijk van Deysselstraat. En Khadija is de aanleiding dat ik je nu kan uitnodigen.

Khadija programmeert en ontwikkelt producties en podiumactiviteiten voor Theater van Deyssel, eveneens aanwezig in één van de winkelpandjes. Het is een dependance van het Frascati theater. Zij hebben hun programmalijn De (on)vertelde stad. De (on) vertelde stad ontgint de nog onbekende verhalen van Amsterdam. Het bevraagt, onthult en verbeeldt, en schrijft zo de gedeelde verhalen voor een een verdeelde stad, aldus Frascati. Theater van Deyssel maakte ook budget vrij om mijn onderzoek deels te bekostigen en nu dus te presenteren!

Hiermee kan dit onderzoek en deze serie foto’s op zicht zelf staan. Tegelijk sluit het ook aan bij de vraag van de architecten naar de overgangen van privé naar openbaar in de toekomst. In de serie foto’s gaat het ook over dit onderwerp en hoe gelaagd dat is. De waarde van elkaar zien en tegelijk ook de waarde van het niet direct elkaar kunnen zien.

Tot slot kunnen het onderzoek en de serie foto’s een aanzet zijn om de waarden van relaties en netwerken en bijbehorende structuren in de buurt verder zichtbaar te maken en te cultiveren in de ontwerpopgaven van een buurt waar bij fors wordt verdicht.

PRESENTATIE 19 april 2024 / 16:30uur / Theater van Deyssel / Lodewijk van Deysselstraat 91 / Amsterdam / opgeven via: tvd@frascatitheater.nl 

 

 

Een andere kijk op de frituur

Dat is waar hoogleraar filosofie van de publieke gezondheidszorg aan de Universiteit Maastricht, Klasien Horstman en haar collega Mare Knibbe, universitair docent filosofie van gezondheidswetenschappen o.a. toe opriepen, in een artikel van ruim een jaar geleden in NRC.

Horstman en Knibbe wijzen in hun boek ‘De gezonde stadUitsluiting en ontmoeting in de publieke ruimte’ vaker op het al te gemakkelijk wegzetten van ‘de snackbar’, als enkel ongezond. Het zal niet verbazen dat dit in relatie wordt gebracht tot het ‘elkaar ontmoeten in de (semi-)publieke ruimte’. 



 

Ik nam contact met Horstman op, omdat haar resultaat van 10 jaar onderzoek in naoorlogse buitenwijken zoveel herkenning opriep met de series Buurtbanden die ik eveneens de afgelopen 10 jaar maakte. Ooit begonnen in een snackbar. De snackbar/ijswinkel bleef terugkeren in andere series. Eerder schreef ik hier al een blog over.

Buurtbanden Amsterdam Slotervaart nr. 01 / 2013

 
Horstman en ik hielden contact en sturen elkaar af en toe iets toe dat ons opvalt en verwijzen naar elkaars werk. Toen Horstman en haar collega Knibbe werden benaderd door het magazine Stadswerk om een special te maken over het sociale verhaal van ‘gezonde openbare ruimte’, kreeg ik een berichtje:
,,Rufus, tijdens de brainstorm voor het themanummer heb ik op je werk gewezen, onder andere over je snackbars en ontmoetingsplekken’’ groet, Klasien.

Enfin, hoofdredacteur Michiel Smit, van dit magazine voor professionals op het gebied van de leefomgeving, kwam langs en beschreef ons gesprek in een artikel en voegde ook nog het thema ‘groen’ toe. 

 
Artikel / foto’s Stadswerk: ‘Gezonde buurten zijn sociale buurten’
Boek: ‘De gezonde stadUitsluiting en ontmoeting in de publieke ruimte’
Artikel NRC: ‘de snackbar heeft geen best imago maar wel een belangrijke functie als ontmoetingspunt van de wijk’
———————————
Werken aan de series Buurtbanden werd mede mogelijk gemaakt door het Amsterdams Fonds voor de Kunst. Daar wijs ik graag en dankbaar op, omdat ik mij daardoor kon verdiepen in verschillende buurten. Hierdoor kreeg ik ook de tijd om kennis te maken met veel mensen die zijn terug te zien in de foto’s. Deze mensen gaven mij dat vertrouwen en hoewel dat al zichtbaar wordt door de foto’s wil ik het bij deze nog eens noemen. De series worden aan elkaar verbonden door te schakelen via personen, waardoor relaties zichtbaar worden in een wijk. Die relaties tonen verbanden en ik ben zo vrij om deze verbanden breder te trekken in thema’s, zoals in dit themanummer. Eerder deed ik dat al met elf andere thema’s in het boek ’Nu aan de buurt’. De complete series zijn te bekijken via: www.buurtbanden.nl 

Ariaweg / Publicatie Rooilijn


Rooilijn platform, digitaal magazine over ruimtelijke ordening, heeft een themareeks over semi-publieke ruimte. Voor deze reeks deed ik een bijdrage door een foto-essay en een uitgebreide beschrijving van de portieken aan de Ariaweg in Amersfoort.


Wat is daar aan de hand? Dat vroeg ik mij af toen ik op een avond – vlak bij mijn woning – langs een vernieuwde entree van een flat reed. Ik zag een kring met mensen zitten in de entree die aan het luisteren waren naar een persoon die voor de groep stond. Ik kon mijn nieuwsgierigheid niet bedwingen en belde de volgende dag naar Joke, een van de bewoonsters: “We willen in onze flat meer gaan mantelzorgen voor elkaar en we hadden een deskundige uitgenodigd om daar meer over te vertellen”. Dit was voor mij de aanleiding om hier als fotograaf verder in te duiken en te documenteren wat er allemaal gebeurt in deze semi-publieke ruimte. Beschutte plekken waar dagelijks contact realiteit is.

Deze volledige bijdrage is te lezen en te bekijken via deze link.

Nu aan de buurt


Een kloek boek
Zo werd gisteren ‘de publicatie’ genoemd en is een samenvatting van het op 20 september ’23  gepresenteerde boek ’Nu aan de buurt’.
Nu aan de buurt, nieuwe energie eerlijk verdeeldricht zich op het terrein waar drie onderwerpen elkaar raken. Hoe kunnen klimaatverandering en de maatschappelijke ongelijkheid worden aangepakt? En hoe komen we tot een eerlijke verdeling van nieuwe energie?

Amsterdamse burgerinitiatieven
Er bestaat geen toverformule voor een aanpak die ten goede komt aan het klimaat en de buurt. Maar er zijn wel tal van burgerinitiatieven die bijdragen aan nieuwe en eerlijk verdeelde energie. Het hart van het boek wordt gevormd door tien Amsterdamse burgerinitiatieven die laten zien hoe nu al van onderop aan de energietransitie wordt gewerkt. Het ontwerpvoorstel voor een wijkbedrijf vult dit aan. Interviews met Jan Rotmans en Pallas Agterberg leggen het verband tussen het wereldwijde klimaatprobleem en het lokale handelen. 


Experts
Drie essays gaan nader in op de kracht en mogelijke zwakten van de buurt, en een foto-essay laat de rijkdom en de verborgen structuur van buurtbindingen zijn. Aan dit boek werkten mee: Bright, Fred Feddes, Sophie van Ginneken, Sascha Glasl, Ivan Nio, Karst-Janneke Rogaar, Frans Soeterbroek, Bibi Veth, Linda Vlassenrood, en Christa van Vlodrop.

Selectie uit meer dan tien jaar ‘Buurtbanden’
Met zoveel deskundigen bijdragen aan dit boek, met deze onderwerpen, maakt het geheel sterker. De vorm is dan belangrijk en wanneer je Annemarie Arends dat toevertrouwd, komt dat goed en meer dan dat.
Heel tof om uit werk van tien jaar Buurtbanden maar liefst 12 categorieën / plekken te selecteren, waar onderling contact tussen buren plaats kan vinden:


buurthuis / gebedshuis / hondencontact / openbare ruimte / publiek groen / rafelrand / schoolplein / semi-publiek / snackbar / sport / winkel / terloops


om vervolgens per plek, drie scenes te tonen uit verschillende series en dus buurten: slotervaart / noord / bos en lommer


Het boek is helaas het laatste boek van ‘denktank Stad-Forum’.
Ik wil bij deze alle mensen van Stad-Forum (ook eerdere leden Guido Wallagh, Wouter Veldhuis en ook Tijs van den Boomen) en Gemeente Amsterdam danken voor alle mogelijkheden.

Evenals voor het feit dat dit boek digitaal toegankelijk is! Zie: hier

 

Lariks

In opdracht van M3H architecten fotografeerde ik Lariks in Amsterdam. Specifiek vroegen ze mij om de bewoners in relatie tot hun woning te fotograferen. Het gaat om huisvesting van studenten en jonge mensen die net starten op de arbeidsmarkt. Het project is om meerdere redenen interessant, ik noem er drie: de architectuur, de locatie en de betaalbaarheid.

Architectuur:
De architectuur is zoals je kan zien robuust en gevarieerd. Baksteenarchitectuur met bijzondere motieven en vier verschillende voorgevels. Wat je echter van de buitenzijde niet zit, maar een vrij essentieel onderdeel is van het ontwerp, is de binnentuin. Dit is de plek waar het grootste deel van de ingangen zich bevinden. Zowel op de begane grond als op de galerijen. En dat heeft gevolgen! Daardoor is er veel meer leven zichtbaar, ook in de winter. De kans op ontmoeting en het herkennen van medebewoners wordt daardoor vergroot. Het is het oude principe van de ‘hofjes-structuur’. De open, licht en ruim vormgegeven buitentrappen in het complex dragen eveneens bij aan de zichtbaarheid van elkaar.

 


Bewoner Maurijn: ‘wij (jonge stedelingen) zijn zo gewend te leven in een (digitale) bubbel, met oortjes en mobiel, dat deze omgeving dit prettig kan onderbreken. We worden min of meer gedwongen ons tot elkaar te verhouden’.

Locatie:
Lariks bevindt zich in de nieuwe wijk Houthavens op 10 minuten fietsen van het Centraal Station van Amsterdam. Het is in eigendom van woningcorporatie ‘Lieven de Key’ en die heeft, samen met het vergelijkbare type wooncomplex Mahonie  (ontworpen door Faro Architecten), twee bijzondere wooncomplexen laten bouwen.  Daarmee voegt de corporatie een nieuwe doelgroep toe aan deze inmiddels (financieel) kostbare wijk aan het IJ. Het is een sterk staaltje woonhuisvesting die vrijwel enkel corporaties kunnen realiseren voor deze jonge doelgroep.

Dezelfde bewoner Maurijn: ‘Ik krijg met het wonen op deze plek voor deze prijs zo’n enorme kans! Die wil ik waarmaken’.
Een andere bewoner, de 18 jarige Aydin: ‘Het is net een soort utopia, ik kan soms nog niet geloven dat ik hier woon, mijn vrienden trouwens ook niet’.

Zelf vind ik (RdV) het opvallend dat met de wooncomplexen ‘ander leven’ is toegevoegd aan de wijk, leven dat juist vaak op nieuwe locaties mist: jonge volwassenen zonder kinderen, met een ander ritme en nieuwe initiatieven.


Betaalbaarheid:

Het overgrote deel van de woningen werkt met een zogenaamd ‘Friends-concept’. Hierbij delen drie bewoners een woning met elkaar en heeft iedere kamer een eigen douche en toilet, de keuken met woonkamer wordt gedeeld. De woningen zijn zo gemaakt zodat ze in de toekomst makkelijk kunnen worden aangepast. Dat levert met sommige tussenwanden wel wat gehorige situaties op. De prijs voor de woningen is uitzonderlijk. Door de ‘frieds-constructie’ blijft de prijs per kamer inclusief (met gas/water/licht/internet) onder de €450 per maand. Wel moet er worden opgemerkt dat er met een (max.) vijfjaren-contract wordt gewerkt. Hoe dat praktisch werkt wanneer je daarna geen andere woonruimte hebt gevonden, dat is niet helemaal duidelijk. Daar hoeven deze nieuwe bewoners zich over enkele jaren pas zorgen te maken. Vooralsnog hebben ze een prachtige woning op zo’n nieuwe locatie, met de genoemde kwaliteiten en prijs.

Voor meer info over het project en met architectuurfoto’s van collega Luuk Kramer, zie hier 
Verder schreef het Parool dit artikel over Lariks.

 

 

 

 

Installatie met 24 foto’s te zien in San Francisco. Startblok Elzenhagen A’dam in The Museum of Craft en Design.


Designing Peace
Vanaf oktober 2023 presenteert het MCD (Museum of Craft en Design)  ‘Designing Peace’, een tentoonstelling die de unieke rol onderzoekt welke design kan spelen bij het nastreven van vrede. De tentoonstelling is te zien van 7 oktober 2023 tot 4 februari 2024 in San Francisco en toont ontwerpprojecten van over de hele wereld die zoeken naar manieren om duurzamere vreedzame interacties te creëren en in stand te houden – van creatieve confrontaties die bestaande structuren uitdagen tot ontwerpen die vragen om gerechtigheid en waarheid in een zoektocht naar verzoening.

(Van juni 2022 tot augustus 2023 was deze tentoonstelling te zien in het Cooper Hewitt Museum in New York.)

Het concept en de realisering van ‘Startblok Elzenhagen’ is vanuit Nederland een bijdrage aan deze tentoonstelling. Al meer dan een jaar geleden benaderden Wouter Veldhuis en Veerle Simons, van stedenbouwkundig bureau MUST en betrokken als ontwerper bij Startblok Elzenhagen, mij met de vraag om een bijdrage te maken voor deze tentoonstelling. Woningcorporaties De Key en Eigen Haard waren opdrachtgever voor het ontwerp en de realisatie van Startblok Elzenhagen.

Startblok Elzenhagen
Is een woonplek voor 540 jongeren, waarvan de helft Nederlandse jongeren en de andere helft jonge vluchtelingen die net een verblijfsvergunning hebben gekregen (statushouders). Samen bouwen zij op deze plek aan hun toekomst. Het doel van Startblok is niet alleen het huisvesten van jongeren. Het is vooral het geven van een goede start aan alle bewoners: of het nu jongeren zijn uit Nederland of jongeren die hun eigen land hebben moeten ontvluchten. Het Startblok biedt jongeren uit de buurt, studenten en net afgestudeerden een springplank het ‘echte leven’ in en helpt de bewoner die net in Nederland is aangekomen juist snel de weg te vinden in de Amsterdamse samenleving.
Op Startblok krijgt de bewoner de mogelijkheid om zijn of haar woonomgeving zelf te beheren.
 
Buurtbanden
Wouter Veldhuis had een serie foto’s voor ogen, zoals ik eerder maakte in verschillende Amsterdamse buurten. Via mensen schakel ik van de ene ontmoeting, naar de volgende ontmoeting in een afgekaderde buurt, waarbij ik deze ‘scene’ met bewoners ‘speel’. (Zie www.buurtbanden.nl)

Concept voor installatie presentatie
Startblok Elzenhagen, bestaande uit zes woningblokken, zou het kader worden en Wouter Veldhuis vroeg me ook na te denken over een ruimtelijke presentatie. Ik bedacht een installatie waarbij er in de foto’s wordt geborduurd en de draden aan de achterzijde de contouren vormen van de verbindende persoon in de foto. De draden worden vervolgens ruimtelijk verbonden aan de volgende foto en terugkerende persoon. Het concept van Buurtbanden kan op deze manier ruimtelijk inzichtelijk worden gemaakt! Een illustratie van deze installatie liet ik vrijwel iedere keer zien wanneer ik me introduceerde bij bewoners van Elzenhagen. Ontwerper Marcia Nolte tekende de illustratie en werkte het concept verder uit en heeft de vormgeving en productie van de installatie verzorgd met twee medewerkers.


Realisatie
Hoewel ik alle foto’s uiteraard zelf heb afgewerkt, heeft Marcia Nolte met haar werk een extra laag toegevoegd. Het is prachtig om te zien hoe zij haar expertise en ambachtelijkheid inzette om die extra laag letterlijk voelbaar en zichtbaar te maken. Door minutieus gaatjes te boren, de draden te borduren en deze vervolgens aan de achterzijde op fraaie wijze te verknopen en te verbinden naar de volgende foto, ontstaat een web van draden die de complexiteit achter het relatief eenvoudige woonconcept, weergeven. De installatie is echter pas in New York voor het eerst volledig opgebouwd. Zie hier.

Mogelijk gemaakt door:

Expositie ARCAM Amsterdam

 


De gemeente Amsterdam benaderde mij in het kader van de Omgevingsvisie 2050. In die visie zet de gemeente in op een meerkernige stad, bestaand uit complete stedelijke gebieden met ieder een eigen karakter. De opdracht: ga op zoek naar die veelvormigheid en eigenheid van de verschillende delen van de stad.

In de eerste weken van de lente ging ik aan de slag, het resultaat is te zien in Arcam Architectuurcentrum Amsterdam. Opening is op donderdag 20 juli om 17 uur. Finissage met stadsgesprek op 5 september.

Geschenkwoningen


Stichting Dorp, Stad & Land en Erfgoedvereniging Bond Heemschut kwamen bij mij met de vraag om een aantal ‘zogenaamde scenes’ te fotograferen van geschenkwoningen en haar bewoners.

Het waren de provincies Zeeland, Brabant en Zuid-Holland die in 1953 werden getroffen door de Watersnoodramp. Na de ramp kwamen grote internationale, hulpprogramma’s op gang waarbij Nederland ruim 850 woningen geschonken kreeg. De woningen werden over de drie getroffen provincies verdeeld. De zogenaamde prefab woningen waren hun tijd ver vooruit: ze bleken snel te plaatsen en waren goed geïsoleerd.

Voor een zeer uitgebreide informatieve brochure over deze geschenkwoningen, maakte ik verschillende foto’s en ben onder de indruk over de zorgvuldige manier waarop de verenigingen deze woningen proberen te beschermen en toelichten waarom ze dat doen. De brochure is ook digitaal te downloaden via de website van erfgoedvereniging Bond Heemschut.

 

Publicatie in Blauwe Kamer / magazine voor landschapsarchitectuur en stedenbouw

Wie heeft dit besteld? Wij!

Geef een gezicht aan de vele anonieme werkgebouwen die ons land rijk is. Dat was kortweg de vraag waarmee fotograaf Rufus de Vries op pad werd gestuurd. Zijn opdrachtgevers: Vereniging Deltametropool en de ministeries van Binnenlandse en Economische Zaken. Zij wilden met de fotoserie laten zien dat achter al die blinde gevels mensen werken, en dat er producten worden gemaakt en opgeslagen waar we in ons dagelijks leven niet meer zonder kunnen. Of, zoals een bezoeker aan een debatavond over dit onderwerp opmerkte: de ‘dozen’ waar zoveel om te doen is zijn een essentieel onderdeel van onze manier van leven.

Fotograaf De Vries noemt zichzelf een leek op dit terrein maar raakte gefascineerd door wat hij tijdens zijn tocht tegenkwam. Het verbaasde hem dat voornamelijk economische overwegingen een rol spelen bij de inrichting en het ontwerp. Het moet goedkoop en efficiënt, terwijl er zoveel meer mogelijk is. De Vries denkt aan combinaties met andere functies, zoals wonen en natuur, het benutten van de vele vierkante meters aan dakoppervlak, het aantrekkelijker inrichten van de omgeving, het creatiever omgaan met gevels. Ook een eyeopener: qua oppervlak nemen al die logistieke hallen niet eens zoveel ruimte in, maar omdat ze aan de randen van de stad en langs wegen liggen, springen ze snel in het oog.


De Vries benadrukt dat al die plekken die hij bezocht omgevingen zijn waar medewerkers vele uren van de week doorbrengen. Van een graafmachinedistributeur in Limburg hoorde hij dat het goed verzorgen van medewerkers prioriteit had. De fotograaf vroeg zich daarop af of dit soort betonnen omgevingen daar recht aan doen. Hij merkt bovendien op dat de maatschappelijke onvrede toeneemt. Het kan niet anders dan dat ondernemingen, bouwers en architecten vroeg of laat rekening gaan houden met de groeiende weerstand tegen dit type werklocaties. (Mark Hendriks, hoofdredacteur Blauwe Kamer   / een exemplaar is te bestellen via deze link)


Voor een selectie van de serie, check hier voor:
werkscenes inside
werklocaties outside